De dagen vliegen voorbij. Vergaderingen, afspraken, telefoontjes, mails, collega’s, boodschappen. Voor ik het weet, ren ik van het één naar het ander. Ik voel hoe de hectiek mij meevoert en mijn adempauze verdwijnt. Ik reageer op wat van buiten op mij afkomt.
En juist dan herinner ik de stilte. Niet omdat het buiten stil is — dat is het zelden — maar omdat ik van binnen stil wil worden.
Wanneer ik mezelf toelaat stil te worden, verzacht ik. Mijn adem zakt, mijn gedachten vertragen. Ik voel ruimte.


